|
[ << buitenlandse
artiesten ]
De eerste zwarte Amerikaan, die naam maakte in de wereld van
de klassieke muziek, was de tenor Roland Hayes. Zijn eerste optreden
was in New York, in 1917, op de leeftijd van 30 jaar. Zijn eerste
optreden in Europa vond plaats in 1920, in Londen. Pas ongeveer
1930 kwam Marian Anderson als de eerste vrouwelijke klassieke
zangeres naar voren. Andere "Black Divas" die Anderson
voorgingen waren: Elizabeth Taylor-Greenfield (bekend als 'The
Black Swan'), Mrs. Sampson Williams ('Marie Selika'), en Sissieretta
Jones ('Black Patti'); géén van hen was echter
in staat de barrière van de huidskleur te doorbreken en
bereikte slechts een lokale bekendheid. Marian Anderson, een
vrouw met een innemende eenvoudigheid en waardigheid, met een
opmerkelijke stem, die eigenlijk uit twee verschillende stemmen
bestond - een afgrond diepe alt en een dramatische sopraan -
en met een serieuze en diepgaande muzikaliteit, lukte dit echter
wel. |
|

|
"In 1935, at Ostend ... a black woman ... sang her 'spirituals'
before a civilised audience (and) at the first sound of that
biblical voice - an unimaginable, unexpected fusion of contralto,
mezzo and soprano - those indifferent spectators were moved by
an incomparable stream of resonance ... Now, whenever I prepare
to sing, I think back to that gushing vocal stream and to that
Ostend concert which revealed to an astonished world: the harmonious
and glorious voice of Marian Anderson ..."
Giacomo Lauri Volpi (Voici parallele; trans.P.D.) |
|

|
|
|
De alt Marian Anderson was geboren in Philadelphia, Pennsylvania.
Een variëteit van bronnen (Marian zelf?) suggereerde 17
februari 1902 als haar geboortedag. Haar geboortebewijs echter,
beschikbaar gekomen na haar overlijden, toonde 27 februari 1897
als juiste datum. Haar vader was een kolen- en ijsverkoper en
haar moeder een voormalige lerares.
Alhoewel Marian Anderson in het begin ook veel interesse toonde
in het vioolspel, bekeerde zij zich uiteindelijk toch tot alleen
zingen. De 'Zwarte Gemeenschap', die haar talent onderkende,
gaf haar zowel financiële als morele steun. Zij trok tevens
de aandacht van de al eerder genoemde tenor Roland Hayes, die
haar hielp met raad en daad in het begeleiden van haar carrière.
Zij begon eerst met het zingen in het koor van de 'Union Baptist
Church' in Philadelphia, waar zij al de partijen leerde, van
sopraan tot en met bas, een factor die in niet geringe mate bijdroeg
tot haar buitengewoon grote stembereik. Pas op haar 15e kreeg
zij haar eerste officiële zanglessen. Daarna richtte het
kerkbestuur een fonds voor haar op om haar in de gelegenheid
te stellen om zangles te kunnen volgen op een meer regelmatige
en gedegen manier. In 1925 won zij een in New York een zangconcours,
haar prijs bestond uit het optreden op het 'Lewisohn Stadium'
met het New York Philharmonic. Zij kwam onder contract te staan
bij een impressario, maar na enkele jaren kwam haar zangcarrière
bijna tot stilstand te staan en besloot zij - ondanks financiële
problemen - naar Europa te gaan om zich daar in het zingen van
'Duitse Lieder' te perfectioneren.
Zij gaf haar eerste Europese concert in Berlijn
in 1930 en vervolgde dit met een enorm succesvolle tournee door
de Scandinavische landen, een tournee waarbij zij zong voor de
Finse componist Jean Sibelius, die daarna bescheiden verklaarde
dat zijn huis te nederig was voor de 'grootte' van haar stem.
In augustus 1935 overtrof zij zichzelf nog na een sensationeel
succesvolle tournee van twee jaar door Europa, met een recital
in Salzburg. "A voice like yours is heard once in a hundred
years!" zei Arturo Toscanini tegen haar toen hij daar aan
Marian Anderson voorgesteld werd. Marian Anderson's Town Hall
recital op 30 december, 1935 - gepresenteerd door Hurok, die
haar in Parijs had horen zingen was een grote triomf. "Marian
Anderson has returned to her native land, one of the great singers
of our time" schreef Howard Taubman in The New York Times.
Daarna werd zij zowel in de V.S. als in het buitenland veel gevraagd.
In 1938 gaf zij alleen al in de V.S. 70 concerten - in die tijd
de langste, meest intensive tournee gemaakt door welke zanger
dan ooit voor haar. Het volgende jaar werd zij een internationaal
symbool voor de strijd voor rassengelijkheid, toen haar geweigerd
werd op te mogen treden in de Constitution Hall in Washington,
D.C., door de eigenaars, de 'Daughters of the American Revolution'.
Zij zong uiteindelijk op de treden voor het Lincoln Memorial
op Paaszondag voor een publiek van 75,000 toeschouwers.
|
|
In 1949 gaf de alt wederom een concerttournee door Europa en
vervolgde deze met concerten in Zuid-Amerika, Japan en Israël.
Op 7 januari, 1955, maakte Marian Anderson haar debuut als operazangeres
in de Metropolitan Opera met de rol van Ulrica in Un Ballo in
Maschera - hiermee werd zij de eerste kleurling die een rol kreeg
aangeboden in de Met. Zij was toen al 58! In de herfst van 1957
maakte zij een tournee van 10 weken door India en het Verre Oosten
onder auspiciën van het U.S. State Departement. Ontvangen
door de locale autoriteiten als een ambassadrice van haar land
en door het publiek als een groot artieste en persoonlijkheid,
reisde Marian Anderson ruim 60.000 kilometer en gaf 24 concerten
in 14 landen. Zij werd vergezeld door een filmteam en de opgenomen
film werd naderhand tevens op televisie vertoond in een programma
getiteld "The Lady from Philadelphia.' Het werd gepresenteerd
Edward R. Murrow en Fred W. Friendly. "We made that documentary
in the 'See It Now' Series:' schreef Murrow, "because we
wanted the American people to know what one woman had accomplished
in the field of human communications." Het volgende jaar
benoemde president Eisenhower haar als afgevaardigde van de delegatie
van de V.S. voor het 'Comité voor Mensenrechten' van de
Verenigde Naties. Zij zong bij de installatie van president John
F. Kennedy in januari 1961, en maakte op Kerstmis speciaal voor
de Amerikaanse troepen een vlucht naar Berlijn om daar voor hen
te kunnen zingen. In mei 1962 trad zij voor eerste keer op in
Australië. Haar afscheidstournee startte in de 'Constitution
Hall' in oktober 1964, en omvatte de belangrijkste hoofdsteden
in vier continenten en eindigde op 18 april, 1965, Paaszondag
in de Carnegie Hall.
"There have been a considerable number of times when my
mind has been forced to consider Marian Anderson not only as
a contralto and musician, not only as an artist and patriot,
not only as a supreme example of what we are on earth to prove
(the American dream), but also as something which has nothing
to do with the United States or the American dream," schreef
Vincent Sheean. "It is the reality and the imperious exigence
of the soul. Marian is a sort of proof of the immortality of
the soul, or, if that is too extreme, of the existence of the
soul to which an immortality may be postulated."
Marian Anderson is overleden in Portland, Oregon, op 8 april,
1993. |
|
- Discografie:
- Marian
Anderson, Volume 1, Prima Voce, Nimbus, NI7882
- Marian
Anderson, Volume 2, Prima Voce, Nimbus, NI7895
- Marian Anderson, RCA Victor Vocal Series, Bach-Brahms-Schubert,
GD87911
- Living Era, Softly Awake My Heart, Marian Anderson, CD AJA
5262
- Marian Anderson, Arias, Songs and Spirituals, Naxos Nostalgia,
8.120566
- Marian Anderson in Concert 1943-1952, Eklipse, EKRCD 19
- Marian Anderson, Pearl GEMM CD9318
|
|
Marian Anderson
on "He's
Got the Whole World in His Hands" , with Franz Rupp
at the piano
Marian Anderson
on "Roll,
Jord'n, Roll!"
|
|
(p) 2007 Dutch Divas |