|
[ << bassen ] " ... terwijl Arnold van Mill, onze in het buitenland
zeer gevierde landgenoot, met zijn sonore bas de Ramphis-partij
veel reliëf gaf ... " " ... De mooiste stem: Arnold van Mill ... hoe anders
Arnold van Mill, de Ramphis in deze vertoning. De fraaiste stem
in deze bezetting: buigzaam, elastisch, daardoor zeer emotioneel.
Waarlijk in vocaal opzicht is dit het mooiste, het allermooiste
geweest, ons de de ganse avond geboden ... " " ... Groot en muzikaal indrukwekkend was de Ramphis
van Arnold van Mill, die zingt met hetzelfde gemak, waarmee hij
ademt, en fraseert op een manier, waaraan men de werkelijk meesterzanger
zonder moeite herkent ... " |
|
![]() |
|
|
In 1947 won hij de tweede prijs in het Concours van Genève. Hij was vervolgens van 1947 tot 1951 verbonden aan de Opera van Antwerpen. In 1951 zong hij te Bayreuth de rol van Hunding in Wagner's Die Walküre. Hij zong vervolgens elk jaar tot 1960-1961 in Bayreuth - hij was een "Wieland Wagner-cast zanger" en vertolkte er de meeste grote baspartijen o.a. Hagen, Hunding, König Marke, König Heinrich, enz. Door een misverstand en onenigheid met Wieland eindigde zijn samenwerking met Bayreuth. Kort voor Wielands dood werden de meningsverschillen bijgelegd, want Arnold zong nog - onder Wieland Wagner - een Fliegende Holländer-productie in Hamburg. Jammer want anders zou hij weer in Bayreuth gezongen hebben. |
|
|
|
|
Maar gelukkig trad Arnold van Mill ook talloze malen in Nederland op. In 1946 in K & W te Den Haag zong hij de rol van Plumkett in Flotow's Martha, Raimondo in Donizetti's Lucia di Lammermoor (1946), Sarastro in Die Zauberflöte (1956 en 1957), Groot Inquisiteur in Verdi's Don Carlos (1957), Mephistofeles in Gounod' Faust (1959), Ramphis in Verdi's Aïda (1960). Verder zong hij in Don Giovanni (Commendatore), Norma (Orovese), Fidelio (Rocco), Platée( Jupiter), Lohengrin (Heinrich de Vogler), etc. Hij nam deel aan het Holland Festival, het festival van Edinburg en de festivals van Aix-en-Provence. Zijn laatste partijen in Nederland waren in 1976: de Commendatore in Mozart's Don Giovanni en de keukenmeid(!) in Prokovjef's De liefde voor de drie sinaasappelen. Arnold van Mill's carrière stopte vrij plotseling - niet door stemverlies - maar door andere redenen. Zijn laatste rollen waren de Filips II in Don Carlos (overigens een rol die hij veel gezongen heeft, o.a. ook aan de Weense Staatsopera) en Daland in Der fliegende Holländer bij de opera van Mainx, die ook nog in het Congresgebouw te Den Haag werd uitgevoerd. In 1978 was er nog een Julius Caesar in het Festival van Herrenhausen. Nadien heeft Arnold van Mill
nog veel les gegeven en gaf hij regelmatig liederavonden met
Wilhelm Brückner-Rüggeberg (dirigent, 1906-1985) aan
de vleugel. |
|
|
Aïda, Amsterdam Stadsschouwburg,
1960 |
|
|
Hans Kaart als Radames en Arnold van
Mill als Ramphis |
|
|
Voor mijn vriend Cornelis Schell, hartelijk gefeliciteerd, Arnold van Mill Van Mill als Boris Godoenov, waarin Schell optrad in de rol van Pimen, Antwerpen 11-2-1962 |
|
|
Don Carlos, Filips II (Arnold van Mill), Rodrigo (Hermann Prey) |
|
![]()
Arnold van Mill als de keukenmeid(!) en Adriaan van Limpt, Amsterdam 1976 |
|
|
Boris Godoenov (Arnold van Mill) met zoon Fjodor (Elisabeth Steiner, mezzosopraan) |
|
|
Sterfscène van Boris Godoenov
Arnold van Mill als Hunding, Bayreuther Festspiele 1951 |
|
|
|
|
|
(p) 2007 Dutch Divas |