|
[ << bassen ]
Willem Ravelli (1892-1980) |
||
|
Bas-bariton Willem Ravelli, geboren te Den Haag op 31 Mei 1892 studeerde eerst zang bij Frans Adreoli, daarna bij de beroemde pedagoge Cornélie van Zanten te Amsterdam. Anderen die tot zijn muzikale vorming bijdroegen waren Mengelberg, Sem Dresden en Lodewijk de Vocht. Aanvankelijk zou hij operazanger worden en had daarvoor ook de operaklas van Anton Sistermans aan het Haagsche Conservatorium bezocht. Hij debuteerde in 1917 als Nazarener in Salomé. Jacques Urlus zong de rol van Herodus, Salomé werd vertolkt door Edyth Walker en het geheel stond onder leiding van Henri Viotta. In 1923 trad hij toe tot het gezelschap "N.V. Nationale Opera". Ravelli trof het echter niet gelukkig. De onderneming van de heer Jan Heijthekker, samen met Gerhardus Koopman en Karel van Bijlevelt moest het, na enkele maanden sukkelen, van september tot december 1922, opgeven. Bij de opera bleef Ravelli niet lang, omdat zijn concertpraktijk langzamerhand toenam. In 1927 zong hij nog in Mozart's Zauberflöte de rol van Papegeno en in 1929 de rol van Wolfram von Eschenbach in Tannhäuser. |
||
|
|
||
|
50-jarig bestaan van het Concertgebouw, Mei 1938 na de uitvoering
van de 8e van Mahler. |
||
|
Belangrijker was echter zijn
carrière als oratoriumzanger, o.a. zijn herhaalde medewerking
aan Mengelbergs uitvoeringen van de Matthäus Passion, hierin
vertolkte hij ruim 400 maal de Christuspartij. Zijn aangrijpende
vertolking hiervan blijft onvergetelijk. Verder regelmatig optredens
in de baspartijen uit Bach's "Passionen", Mozart's
"Requiem", Beethovens "Negende Symphonie",
Franck's "Beatitudes", enz. Tevens maakte hij deel
uit van het Hollands Vocaal Kwartet - ook bekend als Jo Vincent
Kwartet - en stond in diverse Europese landen op het podium,
zoals Duitsland, Engeland en België. Het belangrijkste deel
van zijn repertoire bleef echter de werken van Bach, met als
hoogtepunt de jaarlijkse Matthäus Passion onder Willem Mengelberg.
Maar de opera vergeten deed Willem Ravelli niet. Eind dertiger
jaren, toen de "Nederlandse Operastichting" onder leiding
van Johannes den Hertog opgericht werd, meldde hij zich bij het
jonge ensemble aan, samen met andere gevestigde solisten, zoals
de sopraan Else Rijkens (1898-1953) en de tenor Louis van Tulder. Platen van hem verschenen bij de labels Columbia (EMI) en Philips, o.a de complete uitvoering van de "Matthäus Passion" onder Mengelberg van 2 April 1939, Philips 462 092-2 met Jo Vincent (sopraan), Ilona Durigo (alt), Karl Erb (tenor) en Herman Schey (bas). U hoort Willem Ravelli als Christus in een kort fragment uit de Matthäus Passion, samen met Karl Erb als een onvergetelijke Evangelist. Niemand kon na de woorden van Christus "Eli, Eli, lama, asabthani" - onnavolgbaar uitgesproken door Willem Ravelli - de uitleg "Das ist: Mein Gott! Warum hast du mich verlassen?" uitspreken met zoveel pijn en leed.
|
||
|
(p) 2007 Dutch Divas |