|
- Home
- Proloog
- Chronologie
-
- Sopranen
- Mezzo's
- Alten
- Tenoren
- Baritons
- Bassen
-
- Dirigenten
- Buitenl.artiesten
- Belgische zangers
-
- DD
Records cd's
- Bestellen CD's
-
- Verzamel cd's
- De hoge C
- Reacties
- Bronvermelding
- Links
-
|
Een triptiek,
als chronologisch overzicht van " The Art of Singing Opera and Concert "
|
|
Deel
Eén - De periode van de tweede helft van de 19de eeuw
,,Den Mimen
flicht die Nachwelt keine Kränze;
Drum muss
er geizen mit der Gegenwart." *)
Zijn deze woorden uit Wallenstein's proloog in den meest uitgebreiden
zin eigenlijk niet van toepassing op alle uitvoerende kunstenaars?
,,Geizen
mit der Gegenwart", want van den roem der meesten blijft
na hun dood vaak slechts bitter weinig over. Hoe gering toch,
is het aantal dergenen, die nog in dezen tijd met enthousiasme
kunnen spreken van een zangeres als Adelina Patti, Pauline Lucca,
de beide Garcia's, Wilhelmine Schröder-Devrient of om op
eigen bodem te blijven van Sophie Offermans-van
Hoven of Wilhelmine Gips.
Waarlijk, Schiller's woorden ,,drum muss er geizen mit der Gegenwart"
kunnen niet raker worden geformuleerd. Zo schreef in Juli 1941,
George S. De Bossan (een pseudoniem voor S.A.M.Bottenheim
?) in zijn voorwoord, tot het boekje ,, Nederlandsche
Zangeressen".
*) Vrij vertaald: Voor de kunstenaar
wordt in de toekomst geen krans meer gevlecht, daarom moet hij
er nu, in het heden, juist zuinig op zijn.
Sophia Johanna Huberta Offermans-van Hoven
1829-1906. |
|
Wilhelmina Gips, geb. 29 sept. 1843 in Dordrecht
Al op 17-jarige leeftijd (1846) trad Sophie met het Haagsche
Orkest op met de aria van Elvira uit ,,La Muette de Portici"
( van Auber) en wist hiermee de zaal tot een buitengewoon enthousisme te brengen. En over een uitvoering
van Sophia Offermans-van Hove van Schumann's ,,Der Rose Pilgerfahrt",
en waarbij als toeschouwers Clara Wieck en Robert Schumann aanwezig
waren...... Tijdens de uitvoering zat Schumann, stil luisterende,
onzichtbaar in een hoek. Na afloop, bood hij haar een fraai gebonden
exemplaar van zijn opus 112 aan en schreef er eigenhandig in:
,,Die anmuthsvolle Sängerin der ,,Rose" bittet diese
Blätter anzunehmen, der Gärtner. Am 8ten Dec. 1853". Dit bovenstaand, uit ,, Nederlandsche zangeressen"
overgenomen stukje geeft mooi weer, wat ik in het laatste stuk
van Proloog ook
al vermeldde en bedoelde te zeggen, alleen mooier verwoord. |
Deel
Twee - De eerste helft van de 20ste eeuw.
Dit is de periode, waarin als
grote voorbeelden vooral Aaltje Noordewier-Reddingius
(sopraan) , haar kunstzuster Pauline de
Haan-Manifarges (alt) en bij de heren Louis
van Tulder (tenor) en Jacques Urlus
(tenor) genoemd dienen te worden. G.S. de Bossan sprak over....,,
de groote aera is ingeluid, waarin het aantal van onze concertzangeressen
is uitgegroeid tot een ware heirschare".
Jacques Urlus, als ,,Siegfried",
1867-1935
Onderstaand krantenartikel, uit 1905, niet echt belangrijk,
maar wel leuk, wil ik U niet onthouden - ,, Een drietal om trotsch
op te zijn". Ook daar komt dat ,,enthousiasme"
weer naar voren. |
Een drietal om trotsch
op te zijn.
Uit het ,,Dagblad"
van den 17den Januari 1905 knipte ik het volgende bericht. De
drie begaafde Nederlandsche zangeressen, Jeannette de Jong, Anna
Corver en Marie Snijders, maken op 't oogenblik voor de tweede
maal eene kunstreis in Duitsland en vinden overal, waar zij optreden,
een zeer gunstig onthaal.
Marie Snijders (Alt), Anna Corver (Mezzo sopraan),
Jeannette de Jong (Sopraan)
Zoo zongen zij op het vijfde abonnements-concert te Baden-Baden,
voor een zeer talrijk publiek, dat zij door haar' schoonen zang
tot geestdrift brachten. Het ,,Bade Blatt" van 13 Januari
wijdt eene uitvoerige beschouwing aan dit optreden, en zegt o.a.
van de ,,drei Holländerinnen: ...maar een zoo eenparig enthousiasme, als zij hier wisten te
wekken, behoort bij ons moeielijk tot warmte op te voeren publiek
tot de groote zeldzaamheden. Zelfs het orkest, dat zich anders
liefst terugtrekt, wanneer het zelf niet meer mee te spelen heeft,
bleef aan de lessenaars zitten, om aandachtig te luisteren, en
applaudisseerde met zijn kapelmeester om 't hardst de bevallige
jonge dames met hare schoone stemmen en vlekkelooze voordracht.......Het
artikel sluit met de woorden.....,,De uitvoering bood een zoo
rein en edel genot, dat wij hartelijk verlangen de dames spoedig
weer te zien."
Wel, wat zegt ge hiervan? Is het voor ons, Nederlanders, niet
om trotsch op die dames te zijn? |
|
Jeannette de Jong
"... In de jaren kort na 1890 heeft in ons land vaak
van zich doen spreken de sopraan Jeannette de Jong. Zij is tal
van malen als soliste op onze concertpodia verschenen en heeft
toen steeds door haar mooie, klankrijke stem de sympathie en
bewondering van velen gaande gemaakt. Ook is zij enige jaren
de sopraan geweest van een prachtig ensemble, het Hollandsch
Terzet, te zamen met Anna Corver, mezzo-sopraan, en Marie Snijders,
alt. Dit terzet heeft alom in den lande en eveneens in het buitenland
het grootste succes verworven .."
Uit Nederlandsche zangeressen van George S.
de Bossan. |
Deel Drie
- De tweede
helft van de 19de eeuw -
Dutch Diva's na 1945
Na de Tweede wereldoorlog, in1946, ontstond de "Stichting
De Nederlandse Opera". Deze ging in 1965 over in de huidige
"De Nederlandse Opera Stichting". Hoewel in Nederland
diverse opera gezelschappen actief zijn en waren: Stichting Operagezelschap
Forum - in '94 overgegaan in de Nationale Reisopera - gedurende
enkele jaren "De Zuid-Nederlandse Opera", en sinds
1990 'Opera Zuid', blijft een feit dat ons land veel meer een
oratoriumcultuur kent, waarvan het beste voorbeeld wel de "Passie-koorts"
rond Pasen is; daar hebben de calvinistische dominees uit de
17de en 18de eeuw, die het fenomeen opera fel bestreden, wel
voor gezorgd. |
|
Erna
Spoorenberg
Veel van onze beste zangers en zangeressen zijn dan ook vaker
in oratoria en concerten te beluisteren, dan in opera's. Elly Ameling zong in 1973 Mozart's "Ilia
in Idemeneo" en dit bleef haar enige operarol. Voor de destijds
wereldberoemde Jo Vincent gold hetzelfde:
in 1939 zong zij de gravin in Mozart's "Le Nozze di Figaro".
Gré Brouwenstijn was wèl
een echte operazangeres; zij vierde haar triomfen echter voornamelijk
in het buitenland, o.a. in Covent Garden, de Scala, Teatro Colon,
Bayreuth en Glyndebourne. Ook Marijke van
der Lugt was een echte operazangeres, zij zong in talrijke
titelrollen, zowel bij Opera Forum, De Nederlandse Opera als
in buitenlandse opera theaters: Covent Garden, Weense Staats
Oper en in Verona. Erna Spoorenberg
zong reeds als 14-jarige de "Koningin van de Nacht".
Zij trad in heel Europa met veel succes op, en zong ook in Amerika
en Rusland. Cora Canne Meijer is een alt/mezzo, die in veel Nederlandse
producties optrad, maar ook in Glyndebourne en Salzburg. De mezzosopraan
Sophia van Sante is zeer veelzijdig:
zij zong zowel oratoria, liederen als opera's en blonk vooral
uit in het moderne repertoire. Cristina
Deutekom kreeg in het buitenland de bijnaam " De
Hollandse Nachtegaal". Zij trad overal ter wereld met bijzonder
veel succes op. Oorspronkelijk, zong zij vooral Mozart-opera's
(Koningin der Nacht) , maar later hoofdzakelijk het Italiaans-dramatische
repertoire: zij schitterde in "Norma, Turandot en Lucia
di Lammermoor".
Maar er is momenteel nog veel meer "nieuw" talent
in Nederland aanwezig. Ik beperk me voorlopig - afgezien van
het verleden - tot enkele zangeressen en wel de mezzosopraan
Jard van Nes (gestopt januari 2001)
en de sopraan Charlotte Margiono.
*) Tijdens een zakenreis naar New
York, in 1989, was ik in de gelegenheid de platenzaak Tower Records
te bezoeken en daar stond op de afdeling klassiek zowaar een
eigen vakje voor Jard van Nes. Dit gaf me toch wel een beetje
trots gevoel. Ik ging overigens weg met een aantal opnames van
Maria Callas! Tot zover dit chronologisch overzicht, U vindt
- of heeft reeds gevonden - meer als inleiding, en aanleiding
tot deze site in de Proloog.
J.L.
*) Dit lijstje "nieuw talent"
is intussen uitgebreid met o.a. Miranda van Kralingen, Margriet
van Reisen, Cora Burggraaf en Eva-Maria Westbroek. |
|

|
|
Choose English as language/ Kies Nederlands als
taal
(p) 2007 Dutch Divas |
|