' De hoge
C '
|
Erna Sack (1898-1972) |
Mado Robin (1918-1960) |
Yma Sumac - 1927 |
Onderstaande e-mailtjes - reacties op de biografie van Cristina Deutekom
- waren o.a. een aanleiding voor mij om me eens wat meer te gaan
verdiepen in octaven, noten, hoge C's, e.d. Bijvoorbeeld de beroemde
' hoge C ' leek mij als begrip te vaag gedefinieerd. Het wordt
bij tenoren, zowel als sopranen gebruikt en daar zit toch wel
een evident verschil tussen. Correct bleek c2 of 'twee gestreepte
c' bij tenoren en c3 of 'drie gestreepte c' bij sopranen. De
octavenreeks loopt voor de menselijke stem van C
tot B (groot octaaf), van c tot
b (klein octaaf), van c1 tot b1
( één maal gestreept octaaf), van c2 tot b2 en eindigt praktisch gesproken
bij c3 tot b3. Echter, enkelen komen
hier bovenuit, tot in het bereik van c4
tot b4, hoewel volgens mij geen enkele klassieke componist
hier ooit iets voor geschreven heeft. De hoogst genoteerde (bekende)
noot is een g3. Mozart schrijft hem voor in de concertaria "Popoli
di Tessaglia", KV316. De coloraturen van de 'Königin
der Nacht' staan bijvoorbeeld in f3. Zangeressen die noten produceren
boven dit bereik doen dit dan ook in het kader van versieringen,
vrije coloraturen e.d. Een van de laagst voorgeschreven noten
in een opera komt overigens ook voor in Mozart's Zauberflöte,
in Sarastro's partij: de lage F - groot octaaf. Binnen deze opera
kunt u dus zowel één van de hoogst voorgeschreven
noten - de f3 - als één van de de laagste - de
lage F - aantreffen, exact 4 octaven, ongeveer het gehele menselijk
stembereik.
De laagste noot die Mozart voorschreef is echter de lage D voor Osmin in Die Entführung
aus dem Serail (Ha, wie will ich triumphieren). Monteverdi
schreef zelfs twee maal een lage D voor, de eerste in de Dood
van Seneca in L'Incoronazione di Poppea. De tweede
in de opera Il Ritorno di Ulisse in Patria.
In het Russische Kantechion (Dodenmis) van Rachmaninov, schreef
de componist een facultatieve lage B voor en Mahler schreef zelfs
een Bes voor in het "Chorus Mysticus" gedeelte van
de Achtste Symfonie (op de woorden: "hier wird's Ereignis").
Echter, lager dan deze noten en hoger dan die g3 - uit KV316
- is over het algemeen niet mogelijk, de rek is dan uit de stemplooien.
Entführung
aus dem Serail, Matti Salminen met een
lage D, hetzelfde fragment in RealAudio
Fragment uit Meyerbeer's
opera Les
Hugenots, een lage C door de
Italiaanse bas Cesare Siepi, hetzelfde fragment in RealAudio
Cherubic
Hymn, opus 27/5 van Chesnokov, Vladimir Pasuikov met een
lage Ab1, (52/53Hz, dat is in het
contra octaaf bereik, net voor het punt waar de grafiek begint
met de C van het groot octaaf), ongeveer 56 seconden vanaf het
begin, hetzelfde fragment in
RealAudio
Maar er is altijd een baas boven baas.
Hier hoort u Viktor Wichniakov, één van de beroemde
Russische Basso Profundo met een lage
C#1 (uit de Contra -octaaf reeks, C1-B1, Europese notatie)
in de tweede helft van het fragment:
Russisch
koorwerk, hetzelfde fragment in Real
Audio
Exact meten van deze relatief zwakke basis
toon C#1
(34Hz) is lastig omdat vooral de eerste boventoon/ harmonische
C
(66Hz) aanzienlijk sterker is. Dit effect is overigens bij hoge
tonen ook vaak het geval. En de variaties in toon/klank die u
in het fragment hoort, zijn meer het gevolg van variaties in
de sterkte verhoudingen van de harmonischen/ boventonen dan variaties
in toonhoogte. De meeste luidsprekers kunnen dit soort lage tonen
niet correct weergeven, maar u kunt ze toch horen vanwege de
aanwezigheid der harmonischen/boventonen. Uw oren laten deze
zwakke grondtonen toch horen door compensatie via uw hersens.
Zij vullen als het ware de ontbrekende grondtonen aan.
We Praise Thee,
St
Petersburg Chamber Choir, (uit de Russische Liturgie,
muziek van Pavel G. Chesnokov (1877-1944) Nikolai Korniev, dirigent), video clip op You Tube met lage
B's in het begin, en enkele A's en zelfs een keer een lage F#
Terugkerend naar Cristina Deutekom, zij zong op de Bühne
een serie van f3's. Dit, in combinatie met haar lage a (niet
een A, zoals abusievelijk in haar e-mail vermeld staat), gezongen
als Amelia in Verdi's 'Un ballo in maschera' geven haar een stembereik
bestrijkend 4 octaven (klein octaaf tot en met 3 maal gestreept
octaaf)! De Nederlandse coloratuursopraan Wilma
Driessen, die samen gezongen heeft met Cristina Deutekom,
had zelfs een g3 tot haar beschikking.
En er zijn meer uitzonderingen. Erna Sack, de Duitse coloratuursopraan
begon in 1928 - het begin van haar carrière - aanvankelijk
met kleine rollen als alt en veranderde rond 1930 naar coloratuursopraan.
Van haar is bekend dat zij c4 kon halen. Haar bijnaam: 'de Duitse
nachtegaal'. Een andere sopraan, zeer bewonderd door Mozart,
Lucrezia Agujari (1741-1783) kon ook deze hoogte bereiken. Mado
Robin, een Franse coloratuursopraan kon een b3 halen, een visitekaartje
van haar.
De veelgeroemde hoge Es (E#3)
(hierover straks meer) van Maria Callas in een Aïda uitvoering
te Mexico City, 'anderhalve' noot boven c3, lijkt bij de b3 van Mado Robin in het niet te zinken.
Zij zong deze evenwel formidabele hoge Es vanwege een conflict
met de tenor Baum, die zijn hoge noten te lang aanhield. Baum
had hier geen antwoord op. Verdi schreef die hoge
Es hier niet voor. Maar zoals John Ardoin in zijn boek
'The Callas legacy', schreef: 'The added note is, of course,
pure circus and why not?' In de Bolero uit Verdi's 'I vespri
siciliani' bereikte Callas een hoge E, zowel in de studio opname
uit '54 als in de live opname uit '51. Maar, ook Callas heeft
enkele malen in haar carrière een f3 gezongen. Bijvoorbeeld
- zoals mij verzekerd is - in de 'klokjes aria' uit 'Lakmé'.
In het door mij geplaatste geluidsfragment zingt zij echter een
e3#, een halve noot lager dus. Maar
inmiddels is er een opname van Callas met een f3 opgedoken, een
aria uit Armida. Dit fragment valt nu eveneens te beluisteren.
Voor een goed begrip, het kunnen bereiken van héél
laag of héél hoog heeft uiteraard niets te maken
met de kwaliteit van de stem. Kathleen
Ferrier bijvoorbeeld bezat aan het begin van haar carrière
een stemomvang van twee octaven, later werd dat meer. Maar wat
een prachtige stem bezat zij! En ook Julia
Culp had een "kleine" stem, maar werd toch een
van onze grootste liedzangeressen.
Over tenoren is minder geschreven, behalve die 'hoge C' -
c2 dus. In de opera komt - voor zover mij bekend - een nog hogere
noot alleen in de beroemde 'Postillon-aria' van Adolphe Adam
voor: 'Mes amis, écoutez l'histoire' (Freunde vernehmet
die Geschichte). Daar wordt een d2 gezongen. Overigens zong Rubini,
een zanger uit de 19e eeuw zelfs tot F (!), dit was echter in
falset gezongen.
|
|
|
|
Nicolai Gedda |
William Matteuzzi - Bologna 1957 |
John van Kesteren |
Maar ook Nederland heeft een tenor - John van Kesteren - die
een imponerende hoogte tot zijn beschikking heeft. Zelfs nu nog
- op zijn 80e - kun je hem midden in de nacht wakker maken om
een hoge C te zingen. Hij zong zelfs tot en met hoge F (!) in
verschillende Franse opera's. Op de dubbel CD van Gala - zie
biografie John
van Kesteren - staan enkele staaltjes van zijn kunnen, zoals
de cavatine uit Rossini's opera 'Le comte Ory' waar u hem kunt
horen met 5 hoge C's en zelfs een hoge D. Ik laat u hier echter
een ander fragment horen, uit Donizetti's 'La fille du régiment'
met een aantal - ik tel er 5 - hoge C's. De bas, die u hoort
is Heinz Hermann, de opname is van 8 september, 1959.
Cavatine van Tonio
uit 'La fille du régiment', met de 5
hoge C's, Amici
miei, che allegro giorno, hetzelfde fragment in RealAudio
Le
postillon de Lonjumeau, Nicolai Gedda met o.a. een hoge D (d2), hetzelfde fragment in RealAudio
Drie tenoren - 3x de hoge F 
Rossini, L'Italiana
in Algeri "Languir
per una bella", William Matteuzzi met
een hoge F! (f2) in 'full voice', hetzelfde fragment in
RealAudio
Er bestaan meer opnames van tenoren met een hoge F, o.a. van
de al eerder genoemde Zweedse tenor Nicolai Gedda.
Bellini, I
Puritani, Nicolai Gedda met o.a. een hoge
F (f2), hetzelfde fragment in RealAudio
Bellini, I
Puritani, Tenslotte Luciano Pavarotti, hetzelfde fragment,
eveneens met o.a. een hoge F (f2),
hetzelfde fragment in
RealAudio
Maar het kan nog hoger!
U hoort nu een opera fragment, wederom gezonger door de Amerikaanse
tenor Gregory Kunde
"Gb5
(Gb2)", Gregory Kunde, een halve toon hoger dan in de
vorige drie fragmenten, hetzelfde fragment in RealAudio
Rameau, "Ariette
D'Hippolyte et Aricie", gezongen 'in
falset' door countertenor David
Newman,
met tweemaal een hoge Ab2 (as2),
hetzelfde fragment in
RealAudio
De sopranen:
Fragment uit 'Carnaval de Venice' en met die hoge
B (b3)
gezongen door Mado Robin en welwillend ter beschikking gesteld
door John Davison:
Carnaval
de Venice , Mado Robin, met een formidabele b3,
hetzelfde fragment in
RealAudio
Lucia di Lammermoor,
Waanzin
aria, Mado Robin, wederom met een b3,
kort zelfs overgaand in een c4,
hetzelfde fragment in
RealAudio
Frühlingsstimmen
Walzer , Erna Sack met een c4
in het begin van het lied (niet de lang aangehouden
noot, dat is een g3#, maar een van de volgende korte noten) met
dank aan 'Callista
LaDiva', hetzelfde fragment in RealAudio
Popoli
di Tessaglia, KV316, door Natalie Dessay, EMI 1995, met twee
maal een g3, hetzelfde fragment
in RealAudio
Tot besluit van de sopranen drie
fragmenten met Maria Callas:
Proch
variations : 'deh torna mio bene' van Heinrich Proch, een
live opname met helaas matige geluidskwaliteit, maar met Callas
in geweldige vorm: o.a. een D3, E3, C#3
(cis3) en wederom een E3,
hetzelfde in
RealAudio
Klokjes
aria uit Lakmé van Delibes, een live opname uit 1952
- e3# (eis3), hetzelfde in RealAudio
Armida
, de aria: 'per me propizio il fato' van Rossini, 1952 live opname
met na ongeveer 1.17 min. een F3,
hetzelfde in
RealAudio
De alten:
Van de lage vrouwenstemmen - de alten - is het volgend fragment
een mooi voorbeeld. U hoort Marian Anderson in een opname uit
1936 van Schubert's Der Tod und das Mädchen. Marian
Anderson zingt als laatste regel " ... sollst sanft in meinen
Armen schlafen ... " Tijdens schlafen zingt zij een
G# (103hz) (groot octaaf).
Schubert, Der
Tod und das Mädchen, Marian Anderson met een G#,
hetzelfde fragment in
RealAudio
Rest ons nog enkele fenomenen die genoemd dienen te worden,
onder hen het Peruaanse - en door Leo Riemens verguisde - stemwonder
Yma Sumac. Van haar wordt gezegd dat haar stem een omvang heeft
van maar liefst 5 octaven, een bereik dat loopt van B1
(de B onder de C, dat is dus net buiten de grafiek) tot
c4, exact 5 octaven. Hiermee reikt zij
dus iets onder het basbereik in de laagte en net boven Mado Robin
met haar b3 in de hoogte.
Chuncho
- the forest creatures, Yma Sumac, vanaf E2
(groot octaaf) tot en met een c#4,
bijna 5 octaven, hetzelfde fragment in RealAudio
Nu komen we bij een gedeelte, waar liefhebbers van klassieke
muziek misschien zullen afhaken. Een gerenommeerde zanglerares
schreef me, na beluistering van het volgende fragment: "
... Vreselijk. Wist niet dat dit gepiep een G4 voorstelt! ..."
|
Mariah Carey |
Adam Lopez |
Georgia Brown |
Van pop-diva Mariah Carey wordt vermeld dat zij de zangeres
is, die de hoogste noot ooit gezongen haalde, een G#7.
Dit bereikte zij tijdens twee live registraties van de song "Emotions".
U hoort haar hier in één van deze registraties
bij: The MTV Video Music Awards 1991. De G#7
wordt gezongen in de 3e groep 'hits', zo rond de 13 sec. vanaf
het begin. Zij behaalde met deze opname een plaats in het Guinness
Book of Records.
Mariah Carey maakt dan een sprong van E7 naar G7#. De volgende
(2e) sprong - een halve seconde later - is relatief zwak, maar
zo rond de 14 seconden, zingt zij in de 3e sprong vanaf E7 tot en met
F7#.
De 4e en laatste poging - wederom een halve seconde later is
aanzienlijk zwakker (zwakker dan de 2e) en nauwelijks meetbaar.
Emotions
- G7#, Mariah Carey, hetzelfde fragment in RealAudio
Deze G7# (Europese telling G4#) is volgens de Amerikaanse telling.
De Amerikanen hanteren een andere/ betere telling dan de Europese
-, zij beginnen in het Contra-octaaf (C1-B1, Europese
notatie) met het cijfer 1, dan is het groot octaaf (C-B,
Europese notatie): 2 (dit is het eerste octaaf van de
grafiek), het klein octaaf (c-b, Europese notatie): 3
en dat wat wij in (een deel van) Europa 1 noemen (c1-b1) is in
de '' US Standard" telling 4. Ga je tellend door dan is
voor de Amerikanen die fameuze hoge F uit de Königin
der Nacht (F3), een F6. Het vervelende is dat de Fransen
weer wat anders doen.
Enige tijd geleden ontving ik onderstaand e-mailtje:
" Hi, i'm Georgia Brown a singer to Brazil . I'm in Guinness
Book 2005 for make a g2 to g10,
maybe u interest for your site.
link http://escravosdegeo.sites.uol.com.br/index1.htm (de site is uitsluitend in het Portugees, J.L.),
here u can see a vocal range and any songs.
kisses
Georgia "
High
vocal range - F8, Georgia Brown, niet met een g10,
maar wel op het eind - zo rond de 56 sec.- met een f8
(Europese telling f5), twee octaven
hoger dan de f3 uit Die Zauberflöte),
hetzelfde fragment in
RealAudio
Ik heb mijn twijfels over Georgia's G10. Een
G10 is 25.104 HZ, en dat is ver boven het bereik dat mensen kunnen
horen. Slechts babies en vleermuizen kunnen dit. Hoe dan ook
is die f8 - 5588 hz - indrukwekkend genoeg.
Georgia Brown's uitleg op de pagina Reactions,
e-mail van 2-01-2006 (in het Engels)
"Van
A#7 naar B7", popzanger - male soprano - Adam Lopez
gaat nog 1 1/2 noot hoger dan Mariah Carey, zo rond de 6 seconden
vanaf het begin gaat hij van A#7
naar B7,
hetzelfde fragment in
RealAudio
Voor de volledigheid: vanaf +/- 1 1/2 sec.
tot 3 sec. gaat Adam Lopez van C7 naar D#7. Vanaf 3 sec. tot
5,5 sec. van D7, via E7 naar F#7. Vanaf 5,5 sec. tot 5,8 sec.
gaat het nog een trapje hoger: van G7 naar G#7. Zo rond 6 sec.
een A7 overgaand in A#7 en als hoogtepunt gaat hij vanaf A#7
naar B7. Ongelooflijk.
Luistert u naar het komplete
interview met Adam Lopez, zoals het werd uitgezonden op ABC
Brisbane in 2005
De beide e-mailtjes waarmee het allemaal
begon:
hi. I'm intrigued by the assertion that Cristina
Deutekom has a range of more than four octaves. Since the highest
recorded notes are by a French soprano of the early 20th century
who could hit a top B in alt *), for Cristina to have a four
octave range she would have to equal that and descend to B at
the very bottom of the tenor range. Sorry Joop - I don't believe
it!
John Davison
*) top B in alt = b3. Met 'a French soprano'
wordt Mado Robin bedoeld.
Geachte Heer Lindeijer! Dank voor Uw brief!
Ik kon de 4 - gestreepte f *) zingen op de Bühne, Königin der Nacht en
ook de Schauspieldirektor *), eveneens van Mozart. In Un ballo in Maschera, (Amelia),
gaat het naar laag A *)
Met vriendelijke groeten,
Cristina Deutekom
*)
Cristina vergist zich hier, dit moet ' 3 - gestreepte f ' zijn
*) De lage A (110Hz) is hier niet voorgeschreven, maar
een a (220Hz)
*)
Frau Silberklang
|
Lage a van Cristina Deutekom |
|
F3 van Cristina Deutekom |
B3 van Mado Robin |
Verhoogde en verlaagde noten, met
# (kruis)- of b(mol)-teken
Om het verhaal compleet te maken, er zijn ook nog noten met
een halve afstand (de zwarte toetsen op een piano). Die Eis (E3#)
van Maria Callas ligt een halve afstand boven de noot e3. Uitgaande
van die hoge C (c3) voor sopranen krijg je dan c, d, e, eis.
De lijst van verhoogde noten: cis, dis,
eis, fis, gis, ais en bis. In notenschrift vooraf gegaan
door een kruisteken (#).
De andere reeks - de verlaagde - ces, des,
es, fes, ges ,as en bes. Deze noten staan in het notenschrift
voorzien van een molteken (b)
De namen van de octavenreeksen:
Sub contra octaaf (C2-B2),
Contra Octaaf (C1-B1),
Groot octaaf (C-B, het begin van het bereik van bassen), Klein
octaaf (c-b), Eénmaal gestreept octaaf (c1-b1), Tweemaal gestreept octaaf (c2-b2, waarin de hoge C van tenoren zich bevind)
....... Vijfmaal gestreept octaaf (c5-b5). Dit hoogste octaaf
en de beide onderste octaven zijn voor de menselijke stem niet
van belang - alhoewel Yma Sumac met haar B1 net in het Contra
octaaf komt.
Uitgebreide
classificatie van stemmen:
- Coloratuur-sopraan:
hoogste vrouwenstem, moet tot de f3 gaan (Königin
der Nacht in Die Zauberflöte). Voorbeelden: Erna Sack, Mado
Robin, Ellen Beach Yaw en Miliza Korjus.
- Coloratuur-soubrette
of Soprano lirico leggiero: gaat ongeveer tot d3, veelal jeugdige
rollen.Voorbeelden: Louise de Vries, Adèle Kern, Elisabeth
Schumann, Erna Berger aan het begin van haar carrière.
- Soprano leggiero.
Ook haar noemt men in de wandelgangen coloratuur-zangeres, maar
zij hoeft niet hoger te gaan dan de 3-gestreepte E. Voorbeelden:
Galli-Gurci, Dal Monte, Lily Pons, Erna Spoorenber, Cato Engelen-Sewing,
Erna Berger.
- Lyrische
sopraan: tot c3, de meest veelzijdige sopraan (Mimi in La Bohème).
Voorbeelden: Victoria de los Angeles, Grace Moore, Greet Koeman,
Irmgard Seefried.
- Soprano lirico
spinto (jugendlich-dramatisch): dit is de overgang tussen lyrische
en dramatische sopraan. Mooie volle stem tot c3. Voorbeelden:Gré
Brouwenstijn, Renata Tebaldi, Elisabeth Rethberg.
- Dramatische
sopraan: tot c3 of d3 is in het Italiaanse repertoire (Turandot
en Aida in gelijknamige opera's) vaak iets donkerder dan in het
hoog-romantische Duitse repertoire (Isolde in Tristan und Isolde).
Voorbeelden:Maria Callas, Rosa Ponselle, Elisabeth Ohms, Flagstad.
- De hoogste
mezzosopranen zijn genoemd naar zangeressen: Dugazon en de Galli-Marié.
Tot b2. Voorbeelden: Cora Canne Meijer.
- Dramatische
mezzosopraan: een lichte alt-stem tot a2 (Amneris in Aida), die
in sommige gevallen ook dramatische-sopraan rollen kan zingen.
Voorbeelden: Ebe Stignani, Giulietta Simionato.
- Lyrische-coloratuur
alt: tot ongeveer bes2 en vooral voor alt-rollen van Rossini.
Wordt meestal door mezzosopranen gezongen.
- Alt. Zingt
rollen als Azucena (Trovatore), Ulrica (Un ballo), Dalila. Voorbeeld:
Maartje Offers.
- Dramatische
alt: donkerder dan de mezzo, tot as2 (Dalila in Samson et Dalila).
Voorbeelden: Annie Delorie.
- Contralto:
zeer donker, komt in opera weinig voor. Voorbeelden: Clara Butt,
Kathleen Ferrier.
- Countertenor:
bijzondere mannenstem die op een alt-hoogte zingen, door het
gebruik van falset-register. (tegenwoordig ook wel voor rollen
die eigenlijk waren geschreven voor 18de-eeuwse castraten, maar
met een heel ander timbre). Voorbeelden: Alfred Deller, Sytze
Buwalda.
- Lyrische
tenor: mannelijke variant van de lyrische sopraan. Gaat tot ongeveer
c2. Gaat evenals de tenore leggiero en tenore di grazia (Ottavio
in Don Giovanni) tot ongeveer c2. Voorbeelden: Gigli, Richard
Tauber, Anton de Ridder.
- Tenore lirico-spinto:
overgang naar de dramatische tenor, tot c2. (Lohengrin in gelijknamige
opera). Voorbeelden: Del Monaco, Caruso.
- Tenore drammatico
of heldentenor: in Italiaanse opera's beroemd om zijn 'hoge c'
(c2. In het Duitse repertoire iets donkerder van klank, grenzend
aan de bariton (Otello in gelijknamige opera). Voorbeelden: Jacques
Urlus, Hans Kaart, Lauri-Volpi, Tamagno.
- Tenore buffo:
buigzame heldere stem, ongeveer tot a1, bedoeld voor acterende
rollen ( Jaquino in Fidelio).Voorbeeld: Chris Taverne.
- Baryton-Martin:
hoogste bariton-stem, genoemd naar een Franse zanger, komt vrijwel
alleen voor in Frans repertoire. Faust in gelijknamige opera
en Franse operette-helden.
- Lyrische
bariton: tot ongeveer as1 (Figaro in Il barbiere di Siviglia).Voorbeelden:
Tito Gobbi, Schlusnus.
- Bas-bariton
of karakterbariton: wat serieuzer en tot g1 (Figaro in Le Nozze).
Voorbeeld:Siemen Jongsma.
- Heldenbariton:
zware, brede stem tot g1 (Boris in Boris Godoenov). Voorbeelden:Casper
Broecheler, Jos Orelio.
- Baritono
brillante of Spielbariton: bariton met 'buffo' karakter (Gianni
Schicchi in gelijknamige opera). Voorbeeld: Jos Burcksen.
- Bas buffo:
Ook wel 'speelbas', met een bereik tot f1 (Mefisto in Faust).Voorbeeld:
Guus Hoekman.
- Basso serioso
of basso profundo: gaat ongeveer tot e1 en moet in de laagte
tot de lage E kunnen zingen. (Sarastro in Die Zauberflöte).Voorbeelden:
Arnold van Mill, Boris Christoff, Feodor Chaliapine.
Bronvermelding:
NRC Webpagina's
20 JANUARI 2000
Elseviers groot operaboek, Leo Riemens
Eenvoudige muziekleer, Hennie Schouten |