|
- Home
- Proloog
- Chronologie
-
- Sopranen
- Mezzo's
- Alten
- Tenoren
- Baritons
- Bassen
-
- Dirigenten
- Buitenl.artiesten
- Belgische
zangers
-
- DD
Records cd's Bestellen
CD's
-
- Verzamel
cd's
- De hoge C
- Reacties
- Bronvermelding
- Links
-
|
Coenraad
Valentijn Bos
meesterbegeleider
|
[ <<
musici ]
" ... Geerhter Herr Bos,
Gestern haben Sie so verzüglich begleitet als nie zuvor.
Ich habe gar nicht gespürt dass Sie da waren ... "
tenor Raymond
von Zur Mühlen, geb. 1854, Letland, 's morgens na een uitvoering |
|

Coenraad Valentijn Bos, Meesterbegeleider,
1875-1955 |
De jonge Coenraad Valentijn Bos viel met zijn neus in de boter,
toen hij in 1894 in Berlijn , waar het krioelde van Nederlandse
zangers en zangdocenten, opgetrommeld werd om de beroemde Duitse
zanger Raymond von Zur Mühlen in een recital te begeleiden.Von
Zur Mühlen zong alleen Schubert, Schumann en Brahms (de
laatste leefde nog), maar geen Strauss. "Solchen Plunder
sing' ich nicht", zei de zanger.
De jonge Bos kreeg flink op zijn falie als zijn spel de zanger
niet zinde, als hij bijvoorbeeld geen inzet aangaf. Maar tenslotte
was de zanger tevreden: "Je moet gisteren goed gespeeld
hebben want ik heb je niet opgemerkt", schreef hij aan Bos.
In 1896 begeleidde hij in Wenen de fameuze Nederlandse bariton
Anton
Sistermans, bekend als Wagnerzanger, bij de première
van Brahms' Vier ernste Gesänge, in het bijzijn van de ontroerde
componist.
Coenraad werd door zangers niet alleen als secondant aan de piano
maar ook als vriend zeer gewaardeerd. Julia Culp looft hem als
volgt: ".....zo'n schitterend begeleider, mijn criticus,
mijn maarschalk, hij is altijd zo vrolijk en zijn onveranderlijk
goed humeur haalt mij altijd weer uit den put". (Kees Brusse:
Onder de menschen, 1915). En het 12- jarige wonderkind Jehudi
Menuhin schonk hem - zoals in die tijd gewoonte was - een foto
met opdracht: "To my good companion and fine accompanist
Kamarad Coenraad Valentine Bos, M.A., from your friend Yehudi
Menuhin". Ook de Amerikaanse presidenten Roosevelt en Truman
schonken hem grote foto's met opdracht. De Engelse meesterbegeleider
Gerald Moore noemt Bos 'The doyen of today's accompanists'. (Moore:
Am I too loud, 1962/1973). |
|

Dr. Ludwig Wüllner, de vermaarde
liederen-zanger en zijn talentvolle accompagnateur Coenraad
Bos.
(Laatste optreden in Amsterdam, Zondag 5 April, Groote Zaal van
het Concertgebouw, tegen goedkope prijzen). 1908 |
|
|
Tussen 1910 en 1950 begeleidde Bos welhaast iedereen die op topniveau
zong. In 1923 verschenen bij Electrola de eerste door Bos begeleide
platen waarop hij Elisabeth Rethberg secondeerde.
In 1940 bracht de in 1931 opgerichte Wolfgesellschaft een cassette
met 12 platen uit, waarop onder anderen beroemdheden als Friedrich
von Schorr en Elsa Gerhardt liederen van Wolf zongen, begeleid
door Coenraad Bos, Michael Raucheisen en Gerald Moore. In 2002
is bij Romophone een dubbel-CD ( 81035-2 (2) verschenen waarop
o.a. Julia Culp, begeleid door o.a. Coenraad Valentijn Bos liederen
van Brahms, Debussy en Reger etc. zingt. Het is een compilatie
van opnames die eerder waren uitgebracht bij R.C.A Victor en
Electrola. Men hoort hier de zeer persoonlijke stem van Culp
en de schitterende begeleiding van Bos.
In 1945-46 (Bos is dan 70!), maakt hij met de sopraan Helen
Taubel een wereldtournée van Los Angeles over Honolulu,
Calcutta. Bagdad, Athene, Milaan, Parijs en Londen en terug.
Men vraagt zich af hoe zo'n reis vlak na de tweede wereldoorlog
verlopen is? |
|

Een Meesterbegeleidster |
|
Coenraad Valentijn Bos als liedbegeleider.
Omstreeks 1900 kwam hij in aanraking met Max Friedländer,
de musicoloog en zanger die voor de uitgeverij Peters de liederen
van Schubert herschikte. Friedländer vroeg Bos, de transposities
van laag naar hoog en omgekeerd voor zijn rekening te nemen.
Voor dit werk, waar hij zo'n vier uur per dag aan besteedde,
ontving hij vijftig Pfennig per uur. "But my artistic gain
was in inverse ratio to the final emolument". Bos was ook
beschikbaar om de wekelijkse lezingen over Liedkunst, die Friedländer
zelf zingend op een Berlijnse Universtiteit hield, te begeleiden.
Daar stak Bos veel van op, ten eerste over de liedkunst en ten
tweede over de zangstem want Friedländer was goed geschoold
door Manuel Garcia in zijn laatste jaren en door de eveneens
bejaarde Julius Stockhausen. |
|

|
Metropolitan Opera archives |
V.l.n.r August Rodeman, fluitist, Frieda Hempel,
sopraan, Coenraad V. Bos, pianist en Warden Jennings.
De foto werd gemaakt op de trap van de Auburn gevangenis te New
York. |
|
|
In zijn boek The well-tempered accompanist (Presser 1954) vertelt
Bos hoezeer hij zich dienstbaar opstelt ten opzichte van zijn
zangers:
- De zanger moet zich op zijn gemak voelen en zich kunnen profileren;
- De begeleider moet zich sommige aspecten van het zangersvak
eigen maken: wel of geen stem, hij moet voldoende zangles hebben
gehad om te kunnen beoordelen wat tot de mogelijkheden van de
zanger behoort. Het is niet uitgesloten dat Bos zelf zangles
heeft gehad van de befaamde Cornélie
van Zanten die in Amsterdam, Berlijn en later in Den Haag
zangles heeft gegeven;
- De begeleider moet mee-ademen, natuurlijk zonder dat het publiek
op de eerste rij het hoort;
- De begeleider moet talen kennen, en de fonetiek ( = de uitspraak)
van de taal kennen. Bos sprak vloeiend Engels en Duits. Over
zijn kennis van het Frans is niets te vinden maar hij begeleidde
Julia Culp's Debussy op schitterende wijze.
- Een vluchtig idee hebben van de gezongen tekst is onvoldoende,
tekst moet gekend zijn.
- De techniek van het pianospel moet een tweede natuur geworden
zijn. Maar de pianist die uitsluitend solistisch geschoold is
moet zijn pedaaltechniek erg wijzigen. Bij alle Ständchens,
vooral bij Schubert's Leise flehen meine Lieder kan het pedaal
wel vermeden worden!
- Tenslotte moet de begeleider de 'idiosyncrasies', de eigenaardigheden
van zijn zanger kennen. Daarom hield Coenraad Valentijn Bos niet
van incidentele begeleid-opdrachten, hij had ettelijke langdurige
verbintenissen. Als goede zangersbegeleider heeft Bos zich altijd
verre gehouden van het geven van zangtechnische aanwijzingen.
Daar is de zangpedagoog voor. Grappig en geheel uit de tijd is
Bos' mening dat het géén gezicht is wanneer een
vrouw een man begeleidt!
Het begeleidersvak heeft zich in de tweede helft van de twintigste
eeuw kolossaal ontwikkeld, in die zin dat de pianist nu een evenwaardige
plaats inneemt naast de zanger.
Ank Reinders |
|
(p) 2003 Dutch Divas |
|